LEJOG Land’s End – John O’Groats: 1600 km op de fiets

Skaithe.

Gespierde billen, opgepompte kuiten en een bezwete nek. De man die voor me fietst heeft er duidelijk meer kilometers op zitten dan ik. Achter elkaar rijden we naar Land’s End, het zuidpuntje van Engeland. Voor hem het eindpunt, voor mij het beginpunt van Land’s End – John O’Groats, een rit van 1600 kilometer door Engeland en Schotland. Veertien dagen heb ik uitgetrokken voor het project. Maar anders dan de meeste Engelsen moet ik het zonder motiverend en masserend begeleidingsteam doen.

land-end-john-o-groats-1

Tremendous days in the saddle

Land’s End – John O’Groats – onder insiders wordt de monsterrit ‘LEJOG’ of ‘End to End’ genoemd. Hij wordt al meer dan honderd jaar gereden. Als prestatietocht, voor het goede doel, of tegen beter weten in, zoals door mij. Een bewegwijzerde route is er niet. Op honderden manieren kun je van End naar End. Ik doe de kortste route, in het spoor van Nick-niet-opgeven-Mitchel, de auteur van de End to End Cycle Route-gids. Hij is een nogal enthousiast type – nergens een vuiltje aan de lucht op LEJOG, alleen maar ‘tremendous days in the saddle’.

land-end-john-o-groats-2

start and try

Land’s End ligt aan een fraaie kliffenkust. Daar deint niet alleen de zee, maar ook het land, Cornwall is één golvende massa. Land’s End heeft een ‘Last and first house’, een vuurtoren en een richtingaanwijzer naar John O’Groats: 874 mijl staat erop. Starters en finishers gaan er op de foto. Met nog bijna niets in de benen, voel je je hier al een beetje overwinnaar. De weg jojoot op en neer en eindigt in Fowey, een stoer havenstadje waar River Fowey uitmondt in zee. Ik slaap in een soort penthouse, met uitzicht op het water. Mijn fiets mag ook binnen slapen: in de verwarmde berging tussen vaten bier en de wasmachine. Lejog is een toverwoord.

Fowey

Fowey.

Helse kilometers

Nicks route is een populaire, lekker snel, maar soms ook horrible, zoals bij Plymouth, een lelijke stad in een wirwar van vlechtende en splitsende wegen. Ik zie nu al op tegen Bristol, Liverpool, Manchester en Glasgow – allemaal grote grijze vlekken op de kaart, maar het vrezen blijkt erger dan de werkelijkheid. Bristol valt zelfs mee. Het heeft een zenuwslopend drukke weg door de havens, maar ook supermooie mijlen langs River Avon. Over een vrijliggend fietspad rij je er langs torenhoge rotswanden. Daar tussen, hoog boven je, is de beroemde Suspension Bridge uitgespannen. En dan doemt Dartmoor op, een uitgestrekte vlakte met wilde paarden, hooglanders en schapen. Het is een uur of acht als de zon oranjegoud achter in paars gedrenkte heuvels zakt. Another tremendous day in the saddle, zo vat Nick de dag samen.

lands-end-john-o-groats-7

 

Poederwangen en bakkebaarden

De weg gaat op en neer, eindeloos, langs dikke mossige bomen en manshoge varens. De pub in het fraaie Slaidburn komt precies op tijd. Het is er druk. Mannen met wollige baarden drinken een pint. Aan de muren hangen hertenkoppen en zingende nep-snoeken maar op tv slaat tennisheld Murray zich haarscherp naar de finale. Aan de bar schuift Connie aan. Ze is zestig, heeft een pezig lijf én een goed plan: ze doet LEJoG niet via de kortste maar de mooiste route, in vier weken tijd. Ik vertel haar over mijn tocht, over de in mist gehulde Mendip Hills, de romantische Wye Valley, het schitterende Shropshire en malsgroene Lancashire. ‘En nu?’ vraagt Connie. ‘Morgen richting Kendal’, zeg ik. Kendal is where the End to End can be won or lost, waarschuwt Nick.

lands-end-john-o-groats-32

Unforgiving

Niemand had gezegd dat LEJOG mooi zou zijn – wel zwáár – dus vandaag is opnieuw een kadootje. Het pad heet de Skaithe. De eenzaamheid is perfect. Alleen wat vogeltjes en de wind en zo ver je kunt zien de weg die mee golft met het land. Bij nat, winderig of bloedheet weer is het asfalt ‘unforgiving’ en ‘sapping energy’. Maar vandaag is het fris en zonnig en ik voel me sterk. Dat komt goed uit want de weg door het Lake District lijkt constant vals plat. Windermere, Ambleside, Grasmere, Keswick, het zijn zware kilometers langs diepgroene meren. Rijen auto’s brommen langs, straaljagers knetteren door de geluidsbarrière. Ik verheug me op de B&B in Moffat. ‘We’ll wait for you Nanda’, had Trevor door de telefoon gezegd. Fijn adres. Behalve dat ik droomde dat mijn fiets verdronk.

Skaithe.

 

The Far North

De eerste Schotse mijlen zijn anders dan verwacht. Golvend, makkelijk. Route 74 van het National Cycle Network voert náár Glasgow, route 75 erdóór: langs achtertuinen van burgerhuisjes, langs River Clyde, over nieuwe bruggen, oude bruggen, stoep op, stoep af, langs industrie, de BCC en dan het haventje van Dumbarton. Spannend en verdacht soepel ging dat. De adder onder het gras, de min die iedere plus vereffent, volgt de dag erop. Urenlang stortregent het. Juist nu, hier, langs het beroemde Loch Lomond. En er is nog wat. De decimeterbrede berm tussen rijbaan en rotswand ligt vol troep: stukken bumper, plastic flessen, zelfs een half dak. Campers, bussen, lorries en Lejoggers – iedereen volgt dezelfde weg naar Glencoe, Fort William en verder naar ‘The Far North’. Verzopen fietsers steken hun hand op. Fluorescerende kleding en verlichting aan, adviseert Nick, én iets warms want het weer op de Pass of Glencoe, verderop in de hooglanden, kan snel verslechteren. Dat gebeurt niet. De zon breekt door de mist en dan zie ik kolossen van bergen aan weerszijden van een vallei waar de weg zich als een miniatuurbaantje doorheen slingert. En dat piepkleine fluorescerende stipje met een grijns op het gezicht, dat ben ik.

lands-end-john-o-groats-40

 

Great Glen Way.

Great Glen Way.

 

Done it!

Het wordt tijd voor de finale. Marsen en bananen, rabarbercrumble, cream en cola moeten de moeheid uit mijn lijf krijgen. Het is nog kilometers hard werken van Inverness langs het Caledonian Canal en Loch Ness naar zee. Maar als de wind draait gaat het opeens heerlijk soepel. Links akkers en velden, rechts de kust, rafelig en ruig. Urenlang deint de weg door, totdat er aan de horizon iets moois opdoemt: een streep land, golvend onder dikke schapenwolken, van me afgesneden door een blinkende zee. Aan de overzijde de Orkney Islands. Dichterbij een richtingwijzer. Land’s End: 874 mijl. Ik pak mijn notitieboek en krabbel, DONE IT!

lands-end-john-o-groats-54

Ook LEJOG-en?

In Groot Brittannië zul je met applaus ontvangen worden. Lejog en Lejoggers zijn er erg populair. Groot Brittannie is het land bij uitstek voor zo’n monstertocht. Het landschap is gevarieerd, fraai en nergens heel zwaar. Britten zijn doorgaans erg vriendelijk en hulpvaardig en verwennen je graag met heerlijke bedden en breakfasts. En dan zijn er ook nog eens die geweldige pubs waar ze pubfood serveren om je vingers bij af te likken, chili con carne; vegetarian lasagne, Cornish Pastry en voor in de fietstas double deadly chocolate fudge of cranbarry flapjacks.

Praktisch

Just start and try is de tip van Nick Mitchell. Zijn fietsgidsje (er bestaan er vele, ook Nederlandstalige) heet The End to End Cycle Route, Land’s End to John O’Groats (uitgegeven door Cicerone). De gids bevat routebeschrijving, kaartjes, achtergrondinfo, hoogteprofielen, afstandtabel, overnachtingsadressen en veel praktische tips. Nick beschrijft de route van zuid naar noord, rekening houdend met de wind en met het feit dat je het mooiste dan voor het laatst bewaart: de Schotse Hooglanden. Veel LEJoG-ers fietsen de route van noord naar zuid, zodat je getraind bent als je Cornwall in fietst, dat doorgaat voor het zwaarste traject van LEJoG. Via een in de gids genoemde site kom je bij de gps-track van de route. Download die, want het scheelt een hoop zoeken, erg duidelijk is de routebeschrijving namelijk niet overal.

Goed nieuws: begin 2017 verscheen bij Sustrans een fietsgidsje met niet de snelste maar de mooiste LEJOG-fietsroute. Die is opgebouwd uit National Cycle Routes. Dat scheelt een hoop gepuzzel. Meer info over het gidsje op de site van de Britse Fietsersbond Sustrans.

Handige fietskaarten koop je bijvoorbeeld bij de Fietsvakantiewinkel.